Ron de Jong    |    Historicus

Op 10 augustus 2022 overleed op 61-jarige leeftijd Ron de Jong, historicus en onderzoeker bij de Kiesraad.

Ron studeerde van 1978 tot 1988 geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Na zijn afstuderen trad hij in dienst als promovendus aan de Universiteit van Amsterdam (promotoren: Hans Blom en Jaap Talsma) en maakte hij deel uit van het onderzoeksprogramma ‘Verzuiling in Nederland, in het bijzonder op lokaal niveau 1850-1925’, oftewel het ‘Amsterdamse verzuilingsproject’.
Het dissertatieonderzoek van Ron richtte zich op de Tweede Kamerverkiezingen tussen de Grondwetsherzieningen van 1848 en 1887. Zijn promotie, in 1999, op het proefschrift Van standspolitiek naar partijloyaliteit – Verkiezingen voor de Tweede Kamer 1848-1887 bevestigde Ron als kenner van verkiezingen en het kiesstelsel in de tweede helft van de negentiende eeuw en daarmee als specialist op het terrein van het districtenstelsel. De omvang van het proefschrift was omgekeerd evenredig aan de kwaliteit ervan – weinig geschiedwetenschappelijke dissertaties tellen zo weinig pagina’s als de zijne. Met grote kennis van het toenmalige kiesstelsel en de samenstelling van het electoraat bracht hij de verschuivingen in partij-affiliaties in kaart. Tegen de achtergrond van het langzame verdwijnen van een afzonderlijke conservatieve groepering in ons land en de opkomst van geprofileerde confessionele partijen, liet hij zien hoe de kiezers ‘ideologischer’ gingen stemmen. Tegelijkertijd bleef voor menig kiezer de tegenstelling protestant-katholiek leidend in het stemgedrag. Bijvangst van het proefschrift was de database Kamerverkiezingen 1848-1918, die in eerste instantie werd opgezet in samenwerking met het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis (ING). Het databestand zou later worden uitgebreid en beheerd onder auspiciën van de Kiesraad.


Ron publiceerde na zijn promotie een aantal jaren als freelance-historicus. Nam hij voor zijn uiteindelijk beknopt uitgevallen dissertatie ruim de tijd, het opdrachtonderzoek werd steeds op tijd afgeleverd. Het eerste resultaat daarvan was het in 2002 in opdracht van de Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap geschreven Tussen ambt en vrij beroep. Het notariaat tussen 1842 en 1999  (Amsterdam 2002). Vervolgens publiceerde hij honderd jaar na de oprichting van de partij samen met journalist Marcel ten Hooven het boek Geschiedenis van de Christelijk-Historische Unie 1908-1980 (Amsterdam 2008). Ten Hooven schetste op basis van gesprekken met ex-CHU’ers een journalistiek portret van de Unie, Ron groef op basis van archiefonderzoek een paar spaden dieper en bracht ook het partijleven in beeld.


In 2007 trad Ron in dienst van de Kiesraad. Naast zijn dagelijkse onderzoekstaken voor de Raad bleef hij publiceren op politiek-historisch terrein. In 2011 verscheen Verkiezingen op de kaart 1848-2010. Tweede Kamerverkiezingen uit geografisch perspectief. Deze ‘Verkiezingsatlas’ schreef hij samen met de politicoloog Henk van der Kolk en partijhistoricus en DNPP-directeur Gerrit Voerman. Met beiden zou hij vaker samenwerken. In 2014 verscheen het samen met tijdelijk onderzoeker bij het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis Niels van Driel geschreven De Tweede Kamerverkiezingen in vijftig stappen, een handzaam overzicht van het proces van de Tweede Kamerverkiezingen en de geschiedenis daarachter.

Bij het honderdjarig bestaan van de Kiesraad schreef hij samen met zijn collega Heleen Hörmann het jubileumboek Honderd jaar Kiesraad (2017). Vervolgens was hij de drijvende kracht achter de studie Tussen geschiktheid en grondrecht. De ontwikkeling van het Nederlandse kiesrecht vanaf 1795  (Amsterdam 2018), geschreven met vier medeauteurs, die verscheen naar aanleiding van de invoering van het algemeen (mannelijk) kiesrecht in december 1917.


Ron had nog volop publicatieplannen. Samen met Harm Kaal, Philip van Praag en Gerrit Voerman werkte hij aan een boek over verkiezingscampagnes. Met Patrick van Schie, Alexander van Kessel, Hans de Valk en Jeroen van Zanten bereidde hij een studie voor naar katholieke machtsvorming en -uitoefening op het Binnenhof vanaf 1800.


Als onderzoeker bij de Kiesraad bevond Ron zich buiten de universitaire gemeenschap. Hij participeerde niettemin, wellicht meer dan hij zichzelf realiseerde, volop in het academische debat over de thema’s waarop hij zich had bekwaamd. Het verklaart de grote waardering uit de academische wereld bij zijn overlijden. Daarbij gaf hij regelmatig op universiteiten gastcolleges over het kiesstelsel en verkiezingen.


Ron de Jong was een gepassioneerd historicus die zijn weg wist te vinden in de vakliteratuur, de archieven, andere eigentijdse bronnen en de parlementaire stukken. Zijn kennis van de techniek en praktijk van verkiezingen, kiesrecht en kiesstelsels van de negentiende en twintigste eeuw – vooral die in Nederland, maar ook in omringende landen – was ongeëvenaard, maar hij begreep ook de beginselen en opvattingen die achter de techniek en praktijk schuilgingen en de historische context waarin ze geplaatst moesten worden. Een vakman kortom, maar ook een plezierig en vrolijk mens, die een grote mate van collegialiteit aan de dag legde. Hij zal zeer gemist worden, maar via deze website zijn de vele publicaties van zijn hand over kiesrecht en verkiezingen nog volop raadpleegbaar.


Ron de Jong   |   Historicus

Op 10 augustus 2022 overleed op 61-jarige leeftijd Ron de Jong, historicus en onderzoeker bij de Kiesraad.

Ron studeerde van 1978 tot 1988 geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Na zijn afstuderen trad hij in dienst als promovendus aan de Universiteit van Amsterdam (promotoren: Hans Blom en Jaap Talsma) en maakte hij deel uit van het onderzoeksprogramma ‘Verzuiling in Nederland, in het bijzonder op lokaal niveau 1850-1925’, oftewel het ‘Amsterdamse verzuilingsproject’.
Het dissertatieonderzoek van Ron richtte zich op de Tweede Kamerverkiezingen tussen de Grondwetsherzieningen van 1848 en 1887. Zijn promotie, in 1999, op het proefschrift Van standspolitiek naar partijloyaliteit – Verkiezingen voor de Tweede Kamer 1848-1887 bevestigde Ron als kenner van verkiezingen en het kiesstelsel in de tweede helft van de negentiende eeuw en daarmee als specialist op het terrein van het districtenstelsel. De omvang van het proefschrift was omgekeerd evenredig aan de kwaliteit ervan – weinig geschiedwetenschappelijke dissertaties tellen zo weinig pagina’s als de zijne. Met grote kennis van het toenmalige kiesstelsel en de samenstelling van het electoraat bracht hij de verschuivingen in partij-affiliaties in kaart. Tegen de achtergrond van het langzame verdwijnen van een afzonderlijke conservatieve groepering in ons land en de opkomst van geprofileerde confessionele partijen, liet hij zien hoe de kiezers ‘ideologischer’ gingen stemmen. Tegelijkertijd bleef voor menig kiezer de tegenstelling protestant-katholiek leidend in het stemgedrag. Bijvangst van het proefschrift was de database Kamerverkiezingen 1848-1918, die in eerste instantie werd opgezet in samenwerking met het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis (ING). Het databestand zou later worden uitgebreid en beheerd onder auspiciën van de Kiesraad.


Ron publiceerde na zijn promotie een aantal jaren als freelance-historicus. Nam hij voor zijn uiteindelijk beknopt uitgevallen dissertatie ruim de tijd, het opdrachtonderzoek werd steeds op tijd afgeleverd. Het eerste resultaat daarvan was het in 2002 in opdracht van de Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap geschreven Tussen ambt en vrij beroep. Het notariaat tussen 1842 en 1999  (Amsterdam 2002). Vervolgens publiceerde hij honderd jaar na de oprichting van de partij samen met journalist Marcel ten Hooven het boek Geschiedenis van de Christelijk-Historische Unie 1908-1980 (Amsterdam 2008). Ten Hooven schetste op basis van gesprekken met nog levende ex-CHU’ers een journalistiek portret van de Unie, Ron groef op basis van archiefonderzoek een paar spaden dieper en bracht ook het partijleven in beeld.


In 2007 trad Ron in dienst van de Kiesraad. Naast zijn dagelijkse onderzoekstaken voor de Raad bleef hij publiceren op politiek-historisch terrein. In 2011 verscheen Verkiezingen op de kaart 1848-2010. Tweede Kamerverkiezingen uit geografisch perspectief. Deze ‘Verkiezingsatlas’ schreef hij samen met de politicoloog Henk van der Kolk en partijhistoricus en DNPP-directeur Gerrit Voerman. Met beiden zou hij vaker samenwerken. In 2014 verscheen het samen met tijdelijk onderzoeker bij het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis Niels van Driel geschreven De Tweede Kamerverkiezingen in vijftig stappen, een handzaam overzicht van het proces van de Tweede Kamerverkiezingen en de geschiedenis daarachter.

Bij het honderdjarig bestaan van de Kiesraad schreef hij samen met zijn collega Heleen Hörmann het jubileumboek Honderd jaar Kiesraad (2017). Vervolgens was hij de drijvende kracht achter de studie Tussen geschiktheid en grondrecht. De ontwikkeling van het Nederlandse kiesrecht vanaf 1795  (Amsterdam 2018), geschreven met vier medeauteurs, die verscheen naar aanleiding van de invoering van het algemeen (mannelijk) kiesrecht in december 1917.


Ron had nog volop publicatieplannen. Samen met Harm Kaal, Philip van Praag en Gerrit Voerman werkte hij aan een boek over verkiezingscampagnes. Met Patrick van Schie, Alexander van Kessel, Hans de Valk en Jeroen van Zanten bereidde hij een studie voor naar katholieke machtsvorming en -uitoefening op het Binnenhof vanaf 1800.


Als onderzoeker bij de Kiesraad bevond Ron zich buiten de universitaire gemeenschap. Hij participeerde niettemin, wellicht meer dan hij zichzelf realiseerde, volop in het academische debat over de thema’s waarop hij zich had bekwaamd. Het verklaart de grote waardering uit de academische wereld bij zijn overlijden. Daarbij gaf hij regelmatig op universiteiten gastcolleges over het kiesstelsel en verkiezingen.


Ron de Jong was een gepassioneerd historicus die zijn weg wist te vinden in de vakliteratuur, de archieven, andere eigentijdse bronnen en de parlementaire stukken. Zijn kennis van de techniek en praktijk van verkiezingen, kiesrecht en kiesstelsels van de negentiende en twintigste eeuw – vooral die in Nederland, maar ook in omringende landen – was ongeëvenaard, maar hij begreep ook de beginselen en opvattingen die achter de techniek en praktijk schuilgingen en de historische context waarin ze geplaatst moesten worden. Een vakman kortom, maar ook een plezierig en vrolijk mens, die een grote mate van collegialiteit aan de dag legde. Hij zal zeer gemist worden, maar via deze website zijn de vele publicaties van zijn hand over kiesrecht en verkiezingen nog volop raadpleegbaar.


Ron de Jong   |   Historicus

Op 10 augustus 2022 overleed op 61-jarige leeftijd Ron de Jong, historicus en onderzoeker bij de Kiesraad.

Ron studeerde van 1978 tot 1988 geschiedenis aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Na zijn afstuderen trad hij in dienst als promovendus aan de Universiteit van Amsterdam (promotoren: Hans Blom en Jaap Talsma) en maakte hij deel uit van het onderzoeksprogramma ‘Verzuiling in Nederland, in het bijzonder op lokaal niveau 1850-1925’, oftewel het ‘Amsterdamse verzuilingsproject’.
Het dissertatieonderzoek van Ron richtte zich op de Tweede Kamerverkiezingen tussen de Grondwetsherzieningen van 1848 en 1887. Zijn promotie, in 1999, op het proefschrift Van standspolitiek naar partijloyaliteit – Verkiezingen voor de Tweede Kamer 1848-1887 bevestigde Ron als kenner van verkiezingen en het kiesstelsel in de tweede helft van de negentiende eeuw en daarmee als specialist op het terrein van het districtenstelsel. De omvang van het proefschrift was omgekeerd evenredig aan de kwaliteit ervan – weinig geschiedwetenschappelijke dissertaties tellen zo weinig pagina’s als de zijne. Met grote kennis van het toenmalige kiesstelsel en de samenstelling van het electoraat bracht hij de verschuivingen in partij-affiliaties in kaart. Tegen de achtergrond van het langzame verdwijnen van een afzonderlijke conservatieve groepering in ons land en de opkomst van geprofileerde confessionele partijen, liet hij zien hoe de kiezers ‘ideologischer’ gingen stemmen. Tegelijkertijd bleef voor menig kiezer de tegenstelling protestant-katholiek leidend in het stemgedrag. Bijvangst van het proefschrift was de database Kamerverkiezingen 1848-1918, die in eerste instantie werd opgezet in samenwerking met het Instituut voor Nederlandse Geschiedenis (ING). Het databestand zou later worden uitgebreid en beheerd onder auspiciën van de Kiesraad.


Ron publiceerde na zijn promotie een aantal jaren als freelance-historicus. Nam hij voor zijn uiteindelijk beknopt uitgevallen dissertatie ruim de tijd, het opdrachtonderzoek werd steeds op tijd afgeleverd. Het eerste resultaat daarvan was het in 2002 in opdracht van de Stichting tot Bevordering der Notariële Wetenschap geschreven Tussen ambt en vrij beroep. Het notariaat tussen 1842 en 1999  (Amsterdam 2002). Vervolgens publiceerde hij honderd jaar na de oprichting van de partij samen met journalist Marcel ten Hooven het boek Geschiedenis van de Christelijk-Historische Unie 1908-1980 (Amsterdam 2008). Ten Hooven schetste op basis van gesprekken met nog levende ex-CHU’ers een journalistiek portret van de Unie, Ron groef op basis van archiefonderzoek een paar spaden dieper en bracht ook het partijleven in beeld.


In 2007 trad Ron in dienst van de Kiesraad. Naast zijn dagelijkse onderzoekstaken voor de Raad bleef hij publiceren op politiek-historisch terrein. In 2011 verscheen Verkiezingen op de kaart 1848-2010. Tweede Kamerverkiezingen uit geografisch perspectief. Deze ‘Verkiezingsatlas’ schreef hij samen met de politicoloog Henk van der Kolk en partijhistoricus en DNPP-directeur Gerrit Voerman. Met beiden zou hij vaker samenwerken. In 2014 verscheen het samen met tijdelijk onderzoeker bij het Centrum voor Parlementaire Geschiedenis Niels van Driel geschreven De Tweede Kamerverkiezingen in vijftig stappen, een handzaam overzicht van het proces van de Tweede Kamerverkiezingen en de geschiedenis daarachter.

Bij het honderdjarig bestaan van de Kiesraad schreef hij samen met zijn collega Heleen Hörmann het jubileumboek Honderd jaar Kiesraad (2017). Vervolgens was hij de drijvende kracht achter de studie Tussen geschiktheid en grondrecht. De ontwikkeling van het Nederlandse kiesrecht vanaf 1795  (Amsterdam 2018), geschreven met vier medeauteurs, die verscheen naar aanleiding van de invoering van het algemeen (mannelijk) kiesrecht in december 1917.


Ron had nog volop publicatieplannen. Samen met Harm Kaal, Philip van Praag en Gerrit Voerman werkte hij aan een boek over verkiezingscampagnes. Met Patrick van Schie, Alexander van Kessel, Hans de Valk en Jeroen van Zanten bereidde hij een studie voor naar katholieke machtsvorming en -uitoefening op het Binnenhof vanaf 1800.


Als onderzoeker bij de Kiesraad bevond Ron zich buiten de universitaire gemeenschap. Hij participeerde niettemin, wellicht meer dan hij zichzelf realiseerde, volop in het academische debat over de thema’s waarop hij zich had bekwaamd. Het verklaart de grote waardering uit de academische wereld bij zijn overlijden. Daarbij gaf hij regelmatig op universiteiten gastcolleges over het kiesstelsel en verkiezingen.


Ron de Jong was een gepassioneerd historicus die zijn weg wist te vinden in de vakliteratuur, de archieven, andere eigentijdse bronnen en de parlementaire stukken. Zijn kennis van de techniek en praktijk van verkiezingen, kiesrecht en kiesstelsels van de negentiende en twintigste eeuw – vooral die in Nederland, maar ook in omringende landen – was ongeëvenaard, maar hij begreep ook de beginselen en opvattingen die achter de techniek en praktijk schuilgingen en de historische context waarin ze geplaatst moesten worden. Een vakman kortom, maar ook een plezierig en vrolijk mens, die een grote mate van collegialiteit aan de dag legde. Hij zal zeer gemist worden, maar via deze website zijn de vele publicaties van zijn hand over kiesrecht en verkiezingen nog volop raadpleegbaar.